Tula was de leider van de Curaçaose slavenopstand van 1795. Als tot slaaf gemaakte werkte hij jarenlang op plantage De Knip in het Westen van Curaçao. Hij protesteerde tegen het onrecht dat tot slaaf gemaakten werd aangedaan en streefde naar vrijheid en gelijkheid. Samen met vijftig anderen van zijn mede tot slaaf gemaakten nam hij het initiatief om op 17 augustus 1795 het werk neer te leggen en om voor hun vrijheid te pleiten. Dit was het begin van de grootste slavenopstand in de geschiedenis van de Nederlandse Antillen.

Uit overgeleverde bronnen blijkt dat Tula goed geïnformeerd was, meerdere talen uitstekend kon spreken en retorisch goed onderlegd was. Zo gebruikte hij in zijn strijd argumenten uit de christelijke leer, de politiek en verwees hij naar de veranderende wetten van zijn tijd. Dit maakte hem een gerespecteerd leider. Het ging hem niet om macht, rijkdom of geweld. Hij streed voor de vrijheid van de tot slaaf gemaakten en gelijkheid van mensen in het algemeen, tot aan zijn dood.

Tula is één van de belangrijkste vrijheidsstrijders uit de Nederlandse geschiedenis. In 2010 is hij uitgeroepen tot nationale held van Curaçao. Ieder jaar wordt op 17 augustus de opstand die onder zijn leiding gevoerd werd, herdacht op de ‘Dia di lucha pa libertat’ (vertaling uit Papiamentu: Dag van de vrijheidsstrijd), ook wel de ‘Tula herdenking’.

Sluit Menu